Top 5 meest gestelde vragen over gluten

 | Natudis nieuws

In Nederland zijn er naar schatting 170.000 coeliakiepatiënten. Daarnaast is er ook een groep mensen die ziek worden van gluten zonder coeliakie te hebben. En is er een groeiende groep consumenten die bewust kiest om glutenvrij te eten zonder medische redenen. Het volgen van een glutenvrij dieet luistert nauw en goed en deskundig advies is noodzakelijk. Consumenten stellen veel vragen aan ondernemers over dit onderwerp. Van de meest gestelde vragen die wij op de afdeling Voorlichting ontvangen, hebben wij een top 5 gemaakt: 

 1. Waar komen gluten in voor?
Gluten is een eiwit dat van nature voorkomt in tarwe, spelt, rogge en gerst of producten die daarvan zijn gemaakt. Haver is van nature glutenvrij, maar moet vanwege wetgeving toch als glutenbevattende graansoort worden beschouwd. Haver is namelijk vaak besmet met gluten uit bijvoorbeeld tarwe, gerst en rogge. Dat kan gebeurd zijn tijdens de oogst, het transport, de opslag, in de molen en bij de verwerking tot eindproducten (bijvoorbeeld in de bakkerij).
Gluten heeft kleverige eigenschappen. De Duitse naam voor gluten is zelfs ‘Kleber’. Daar maken ze onder meer bij de broodbereiding dankbaar gebruik van. Het zorgt voor de kenmerkende luchtige structuur van brood. De kleefstof ontstaat als het eiwit in contact komt met vocht. Dat gebeurt tijdens het kneden. Bi het kneden wordt er lucht in het deeg gebracht. En tijdens het rijzen ontstaat er alcohol en koolstofdioxide waardoor er gasbelletjes ontstaan. De gluten houden de gasbelletjes vast waardoor de luchtige structuur ontstaat. De alcohol verdampt.

2. Hoe weet ik of ik gevoelig ben voor gluten?
Darmproblemen komen vaak voor. Zo’n 14% van de Nederlandse bevolking heeft last van het prikkelbare darm syndroom waarbij een opgeblazen gevoel, buikpijn diarree of obstipatie de meest voorkomende klachten zijn. Vaak worden gluten als boosdoener aangezien, maar darmproblemen kunnen veel oorzaken hebben. Zo kan het zijn dat iemand overgevoelig is voor fructanen (=koolhydraten) i.p.v. gluten (=eiwitten). Spelt- en zuurdesemproducten bevatten wel gluten, maar minder fructanen en kunnen daardoor soms al een uitkomst bieden. Daarnaast kan het zijn dat het darmmicrobioom uit balans is. Gefermenteerde producten met levende probiotica (zoals kombucha of kefir) of probiotica supplementen kunnen daarbij helpen. Ook is het belangrijk om voldoende vezels binnen te krijgen uit groente, fruit, peulvruchten, zaden en volkoren granen. Vezels dienen als voedingsbron voor het microbioom. 1% van de NL-bevolking heeft de auto-immuunziekte coeliakie. Deze patiënten kunnen geen (sporen van) gluten verdragen, omdat gluten de darmvlokken aantast.

3. Welke glutenvrije melen zijn geschikt om brood mee te bakken?
Tevens zijn vezels belangrijk bij het instandhouden van een gezond darmmicrobioom. Teffmeel, boekweitmeel, amandelmeel, rijstmeel en quinoameel kunnen gebruikt worden om zelf glutenvrij brood te bakken. De combinatie van verschillende (pseudo)granen geeft vaak een lekkere smaak. Er zijn ook glutenvrije broodbakmixen beschikbaar. Voor een mooi luchtig brood kun je naast gist of desem wat bakpoeder en een losgeklopt ei toevoegen.

4. Hoe kom ik aan voldoende vezels?
Bij een glutenvrij dieet is het altijd een uitdaging om voldoende vezels binnen te krijgen, omdat er meestal binnen (volkoren) granen worden gegeten. En bij darmproblemen is het juist heel erg belangrijk om voldoende vezels binnen te krijgen voor een gezond darmmicrobioom. Groente, fruit, peulvruchten en zaden, zoals chiazaad, lijnzaad of hennepzaad kunnen hierbij helpen. Zorg ervoor dat de zaden goed zijn gemalen, zodat je lichaam de vezels (en vetzuren) goed kan verteren. Ook zijn er preparaten verkrijgbaar waarmee je eenvoudig vezels aan de voeding kunt toevoegen, zoals fibrex (vezels uit suikerbieten) of psylliumvezels (zaad van de psylliumplant).

5. Is het nodig om supplementen te nemen en welke dan?
Naast risico op te weinig vezels heeft een glutenvrij dieet ook risico op een tekort aan ijzer, vitamine B1, foliumzuur en jodium. De belangrijkste bron van ijzer en vitamine B1 is vlees. Foliumzuur komt van nature voor in (groene) groenten, vlees en zuivel. Vrouwen die zwanger willen worden of zwanger zijn wordt aangeraden dagelijks 400 microgram foliumzuur te slikken. Eet je geen vlees, dan kunnen edelgistvlokken een uitkomst bieden. Edelgistvlokken zijn o.a. rijk aan vitamine B1 en foliumzuur. Jodium komt van nature voor in vis, eieren, zuivel en zeewier. Mocht je het idee hebben dat je ondanks een gevarieerde voeding toch onvoldoende vitamines en mineralen binnen krijgt, dan zijn er hypoallergene multivitaminen verkrijgbaar.


Mis je nog een vraag?
Laat het ons weten, stuur een mail naar

« Nieuws overzicht